Het verloop van de ondergang

Het begint met het tarten van de natuurwetten als twee fundamenteel verschillende werelden in een minuscuul punt worden samengebracht voor het verrichten van een experiment. Aan de ene kant de softe Nederlanders, verdrinkend in een zee van geweten en schuldbesef, en aan de andere de harde moslims, middeleeuwse rovers. Een volk dat in het eigen Trojaanse lichaam niet alleen zijn cultuur, maar ook alle corruptie, bloedvergieten, doodsnood, ellende en verschrikking meedraagt, nu nog zo schijnbaar ongevaarlijk als de mosterdgasbommen op de zeebodem. De situatie doet sterk denken aan die op Pearl Harbor de dag voordat de Japanners zeiden: ‘Surprise!’

Het gedrag van de moslims op dit moment is nog niet volledig ontplooid, en te vergelijken met dat van een jongen die nieuw is in een club. Het duurt even voor het ijs gebroken is en hij zich wat losser gaat bewegen, totdat ten slotte zijn ware aard zichtbaar wordt. Zo zijn de meeste moslims in Nederland onzeker van zichzelf en daarom durven ze de Nederlanders niet openlijk uit te dagen. Maar naarmate de tijd vordert en ze meer overwinningen behalen zoals eigen scholen, universiteiten, moskeeën, ziekenhuizen, stranden, zwembaden, sportcentra en wie weet wat nog meer, en nu ze bovendien straffeloos op misdadige wijze hebben kunnen protesteren, zullen ze geleidelijk minder verlegen worden en zelfverzekerder.

De moslims zullen de koran via de oren het hoofd van hun kinderen instampen, een hersenspoeling achter gesloten deuren en dichte gordijnen, zodat ze de Nederlanders gaan haten en hen als hun vijanden zien. Voor dit doel zijn voor hun scholen ter beschikking gesteld, waar zij ongehinderd hun ”moslim-bommen” kunnen vervaardigen. En dan is er nog die andere industrie, die de islam in een veel hoger, onstuitbaar tempo van discipelen voorziet dan de Nederlandse moeders Nederland aanvullen. Door dit verschil zal de moslimbevolking de Nederlandse uiteindelijk gaan overtreffen. Zoals Alhaaj Firdous, in een Panorama van maart 1989, ook al zei: ‘…Nederlanders maken geen kinderen meer en wij wel. Over vijftig jaar is Nederland een islamitisch land.’

In een zeker stadium zullen er meer incidenten zoals de affaire Rushdie komen, en de moslims zullen hun recht om aanstoot te nemen aan de libertijnse, zondige levenswijze van de Nederlanders opnieuw bezien, een leefwijze die zij beschouwen als rechtstreeks indruisend tegen hun islamitische leefwijze. Zo zullen ze stellen dat de moslimvrouw niet over straat kan lopen zolang er sexshops en honden zijn en er meisjes in korte rokken lopen, en dat die aanblik een inbreuk is op hun Ramadan. De regering, die het op dat ogenblik drukker zal hebben met de olieprijs en de dollarkoers, en het belangrijker vindt dat de Nederlanders, met een ton op de bank, voor de tv kunnen hangen dan dat ze als vrije burgers over straat kunnen lopen, zal ter vereenvoudiging dan maar een compromis sluiten, zoals gewoonlijk, en met een noodwetje komen dat het vertonen van pornografie in etalages en het uitlaten van honden verbiedt, maar nog niet het dragen van korte rokken tijdens de Ramadan.

Een handvol Nederlanders gestraft met een groter respect voor hun eigen bestaan en een sterker overlevingsinstinct, zal het niet eens zijn met de veranderingen die plaatsgrijpen, en in protest gaan, om echter dadelijk door de meerderheid te worden onderdrukt, uitgestoten en als racisten gebrandmerkt. De moslims zullen op deze gegarandeerde reactie van de Nederlanders rekenen en, door er optimaal gebruik van te maken, de Nederlanders treffen als lepra en ze hun hand vinger voor vinger afnemen.

Na de eeuwwisseling, zo tegen 2010, zullen de bommen uitgetikt zijn en klaar voor de grote klap. Maar anderzijds zullen ook ondergrondse bewegingen en benden van Nederlanders zijn ontstaan door de repressieve, frustrerende situatie. In die fase zal het de meeste Nederlanders duidelijk zijn geworden hoe fout het is geweest om vriendelijk te zijn voor de verkeerde mensen. Maar omdat het internationale imago en het openbaar fatsoen nog altijd de voorrang zullen krijgen boven de openbare veiligheid, zullen de Nederlanders doorgaan de problemen voor zich uit te schuiven of onder het tapijt te vegen, bij gebrek aan lef om ze onder ogen te zien. In plaats daarvan zullen ze de dialoog gaande houden, in de hoop de moslim alsnog te bekeren, en de een zal de ander larmoyante verwijten maken omdat die niet genoeg heeft gedaan of de moslims niet genoeg heeft geaccepteerd. En druk bezig hun hele geestelijke bagage uit te pakken op zoek naar de laatste bruikbare rechtvaardiging, zullen ze niet de glimlach zien op de gezichten van de moslims die de overijverige pias gadeslaan.

Terwijl dit alles gaande is in Nederland, zullen de moslimleiders elders, die zich van de ontwikkelingen op de hoogte hebben gehouden, zich concentreren op de plannen voor de langere termijn. En of een land als Iran op dat ogenblik maar gedeeltelijk aan de opstand meehelpt, zal voor de moslim nauwelijks van belang zijn.

Gesterkt door hun hogere posities in politiek en ambtenarij, die ze eerst niet hadden, en gesteund door hun bondgenoten in België, Duitsland, Engeland en Frankrijk, zullen de moslims een netwerk van onderlinge loyaliteit kunnen opbouwen, en zo het totale bestel kunnen ondermijnen. Is dat eenmaal gebeurd, dan zullen de moslims beseffen dat ze de onderdrukking en de verstikking van het holle Nederlandse liefdes-streven niet langer in stand hoeven helpen houden of hoeven te tolereren.

In het jaar 2030 zal de eerste fase van de ondergang zijn voltooid-de Nederlandse antropologische cultuur zal teloor zijn gegaan. Voortaan zullen de Nederlanders, als een lichaam zonder ziel, jaar na jaar voortleven in rouw en spijt om het verlies van wat in eeuwen was opgebouwd, en om de klok die van geen terugdraaien weet.

Vele jaren en vele tranen later zal de toestand alleen nog maar zijn verslechterd. Tot op een dag het grote incident plaatsgrijpt. Een incident waarbij twee rivaliserende grondbeginselen van twee rivaliserende culturen frontaal op elkaar botsen. Dan zullen de moslims voor het eerst uit alle macht terugslaan. Mannen, vrouwen en kinderen zullen als één man de straat opgaan, niet zoals onlangs tegen Rushdie, maar honderdvoudig versterkt en in honderdvoudige woede. En al zullen op dat ogenblik de Nederlanders voor hun eigen grondbeginsel vechten, de moslims zullen met hun barbaarse methoden niet alleen de Nederlanders opnieuw verrassen, maar ook dwars door hun softe, fatsoenlijke defensief heen slaan. (In een treffen tussen een hele kudde schapen en een roedeltje wolven staat de verliezer bij voorbaat vast.) Het zal inmiddels duidelijk zijn wat de koran bedoelt met: ‘Wanneer gijlieden dus een ontmoeting hebt met hen die ongelovig zijn, houwt dan in op die nekken en wanneer gij onder hen een slachting hebt aangericht, bind hen dan in boeien.’ (Soera 47, 4) En dan pas zullen de Nederlanders eindelijk erkennen dat ze, door de moslims in Nederland binnen te laten, alleen maar de verschrikkingen uit vreemde landen naar hun eigen grondgebied hebben overgeplant. Dus nu, als nooit tevoren, zullen ze allemaal gaan stemmen op een partij die een ‘definitieve oplossing’ van het probleem voorstaat. Maar omdat ze niet langer de overgrote meerderheid vormen, want de moslims stemmen op hun eigen partij, waarvan het goed gecamoufleerde prototype al bestaat, zal daar niets van terechtkomen.

Nadien zullen de moslims geleidelijk doorgaan de Nederlanders te overmeesteren en te domineren, en die zullen geen andere keus hebben dan mee te doen aan een partij touwtrekken waarin ze voortdurend terrein verliezen. De Nederlanders van hun kant zullen geen oplossing weten noch in staat zijn een eventuele oplossing ten uitvoer te leggen. En weerwraak is niet hun stijl. De moslims, die dit alles weten, zullen beginnen het land hun wil op te leggen en er min of meer de macht overnemen. En door een toevoer van middelen vanuit hun eigen landen of via particuliere immigratiecentra, zullen ze het mogelijk maken dat een onophoudelijke toevloed van immigranten zich in Nederland vestigt, en zo de Nederlanders indirect dwingen om het veld te ruimen. In 2060 zal er geen Nederland meer over zijn, althans niet noemenswaard. De tweede fase van de ondergang is dan voltooid.

Het is inmiddels 2060. De Europese Gemeenschap heeft de eenwording opgegeven en de grenzen weer gesloten. Skandinavië heeft de betrekkingen met Nederland opgeschort, terwijl de Verenigde Staten boos zijn op de Nederlandse regering omdat die het islamitische bolwerk onderdak biedt, waardoor gevaar ontstaat voor Amerikaanse burgers in Europa. Veel Nederlanders hebben hun toevlucht gezocht in de omringende landen en van de achtergebleven Nederlanders kleden de vrouwen zich veelal als moslimvrouwen om moeilijkheden te voorkomen.

De jihad is begonnen. De koning(in) en de meeste ministers zijn nog Nederland, maar de moslimpartij heeft een sterke positie in het kabinet. Iran en Libië oefenen direct gezag uit via hun Europese hoofdkwartier in Rotterdam en hun geheime leger, het ‘Islamitisch Executie-Peloton’. Nederlandse en islamitische benden raken slaags in de straten en de bevolking heeft het recht gedeeltelijk in eigen hand genomen, want de politie durft niet in te grijpen. De natie is versteend van angst.

De koning(in) roept de resterende werkelijk Nederlandse ministers van haar kabinet bijeen voor een strikt geheim beraad. Niemand mag het koninklijk paleis in of uit. Naar verwacht zal het beraad een week duren. Ze zullen eten en slapen in het paleis, dat door de strijdkrachten wordt bewaakt. Na vijf dagen is het beraad afgerond en is men tot het volgende besluit gekomen:

De provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Gelderland en Limburg worden tot ‘Nieuw-Nederland’ verklaard.

Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht, Brabant en Zeeland heten voortaan ‘Oud-Nederland’.

Alle moslims worden uit Nieuw-Nederland naar Oud-Nederland gedeporteerd.

Grensposten waarbij de voormalige Berlijnse muur op kippegaas lijkt, worden op alle wegen tussen beide landen geplaatst.

Nieuwe paspoorten worden uitgereikt aan alle echte Nederlandse mensen, die één kans krijgen om tussen de twee landen te kiezen.

Hoe bizar en irreëel het ook lijkt, of misschien zelfs is, toch gebeurt het. Landen splijten wel vaker. En hoewel het in het begin altijd moeilijk voor te stellen is, is de oorzaak altijd een verschil tussen twee culturen. Maar hoe later de realiteit wordt ingezien, hoe groter de kans op een burgeroorlog. Al komt het in zo’n situatie niet altijd zover. Soms wordt een volk, zoals de Noordamerikaanse Indianen en de Australische inboorlingen, gewoon platgewalst; zo’n volk sterft nagenoeg uit, terwijl de enkelingen die resteren attracties voor toeristen met Canons en Fuji’s worden.

Een jaar of wat geleden kwam een meisje uit Limburg met vakantie naar Amsterdam. Ze had gezellige verhalen gehoord over de grote stad, maar was niet op de hoogte van de gevaren. Dus liep ze nabij de Zeedijk de verkeerde straat in en werd verkracht. Die zelfde dag keerde ze naar huis terug, met haar vertrouwen aan scherven en haar ogen voor altijd wijd open.

Sommige wonden helen en sommige gebeurtenissen zijn omkeerbaar, maar alle schuld en alle tranen geplengd bij het Anne Frankhuis kunnen geen zes miljoen lijken weer tot leven wekken. Waarmee we weer terug zijn bij een volk dat niet zoveel groter is dan die zes miljoen.

Daar staan ze nu, die Nederlanders met hun volstrekt gerechtvaardigd en zonder twijfel hoogstaand streven om zo zich ver mogelijk van Hitlers ideologie te distantiëren. Ze hebben over het hoofd gezien dat hun weg aan het andere eind uitkomt bij de joden (met alle respect). De stakkers begrijpen maar niet dat de keus niet noodzakelijk die tussen nazi’s en joden hoeft te zijn, tussen roofdier en prooi, tussen onderdrukker en slachtoffer, maar dat er een alternatief is, een derde weg, namelijk het vege lijf redden en zorgen voor het voortbestaan van de eigen cultuur en het eigen land. En het is louter dat ene, kleine misverstand dat zal maken dat de Nederlanders de geschiedenis ingaan als het volk dat zo diep nadacht over een angstdroom uit het verleden dat het zelf die angstdroom werd.

Link

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.