Soera 18 de spelonk

door Ibn Sufi al Kitab
In de islamitische mythologie ging Mohammed naar een grot om te mediteren over metafysica en de betekenis van het leven. Het was in de grot dat zijn geloof door Allah werd bevestigd en het was in de grot dat een engel de ongeletterde handelaar Mohammed adviseerde de plicht aan te gaan de wereld te informeren over de goddelijke macht van Allah.

Deze mythe over Mohammed komt overeen met die van Mozes, Christus en Johannes de Doper; een ‘grote en goede man’ dat zich uit de maatschappij heeft teruggetrokken, gemotiveerd door de wens om de complexe spirituele vragen omtrent het leven te begrijpen. Een mens, heilig en oprecht en in staat met engelen te kunnen praten.

Het is natuurlijk zeer de vraag of dit verhaal meer dan een mythe is. Of zou het eerder een volgende absurde poging zijn om het jodendom en christendom te bagatelliseren om zodoende het Arabisch heidendom van Mohammed te verheffen.
Deze soera beschrijft de periode die Mohammed in de grot doorbracht en waarom deze periode belangrijk was. Blijkbaar trok Mohammed met een paar vrienden of volgelingen de grot in maar de schrijvers weten niet eens hoelang hij daar verbleven heeft;

“dan verbleven zij voor een aantal jaren in de grot, met (een sluier) over hun oren, (zodat zij niet konden horen); Vervolgens wekte Wij hen, zodat zij elkaar konden ondervragen hoe lang zij daar verbleven hadden!”

Interessant! Dus de vrienden van deze ‘grote’ man Mohammed werden beschermt door engelen – voor een aantal jaren in een grot gehouden – om achteraf elkaar te bevragen hoelang hun verblijf in de grot is geweest. Aten zij daar nog wel? Of bleven zij al die tijd onder een deken zitten.
Vers 25 verklaart nogal onwaarschijnlijk dat de metgezellen van Mohammed misschien wel 300 jaren in de grot verbleven hadden, een nogal vrij lange tijd naar menselijke normen.


25. En zij bleven driehonderd jaar in hun grot en voegden er negen aan toe.


Er zijn weinig details over van wat er in de grot gebeurde, zelfs geen openbaringen die aan de grote profeet werd doorgegeven. Niets. En dat nog wel door de man, gekozen door het Allah, om de mensheid uit haar collectieve onwetendheid en ellende te leiden.

Wel besteed deze soera aandacht aan de gebruikelijke herhalende verzen over overheersingsdrang, en dringt aan om te geloven en Allah te dienen. Deze soera is dus, net als alle anderen, onlogische en slecht geschreven. Het thema is de grot en Mohammeds spirituele keerpunt, maar de verzen zijn niet gerelateerd aan deze gebeurtenis.

Welke verzen wel in dit hoofdstuk staan zijn de verzen die al eerder in andere hoofdstukken opgenomen zijn;


29, “..wij hebben voor de boosdoeners een vuur bereid, welks omheining hen zal insluiten. Indien zij om hulp roepen, zullen zij worden overgoten met water als gesmolten lood, dat hun gezicht zal verbranden.


31, “Voor hen zijn de Tuinen der eeuwigheid, waardoor beken vloeien. Zij zullen daarin worden getooid met armbanden van goud en zullen groene gewaden van fijne zijde en zwaar brocaat dragen, terwijl zij op tronen zullen liggen. Hoe goed is de beloning en hoe schoon is de rustplaats.


56, “.. De ongelovigen twisten met leugens om de Waarheid te niet te doen. En zij houden Mijn tekenen voor flauwekul.


Vers 59, “….Wij vernietigden hen toen zij ongerechtigheden bedreven. En Wij stelden een bepaalde tijd vast voor hun verdelging.


102, “Wij hebben de hel bereid tot een onthaal voor de ongelovigen.”


106, “ De hel is hun beloning wegens hun ongeloof en de spot die zij met Mijn Tekenen en Mijn boodschappers bedreven.


Geen van deze verzen houden zich bezig met ethiek, een hoge moraal of gelijke rechten. De verzen zitten vol met haat en fanatisme en is de algemene norm in elk hoofdstuk van de Koran.

Moslims koesteren de glorie van Allah’s goedheid en treden het paradijs binnen wanneer de dood zich aandient. De ongelovigen echter, zullen worden vernietigd en als zij het overleven, worden zij na hun dood gefolterd tot in de eeuwigheid. De boodschap is vrij duidelijk. Joden en christenen zijn ondergeschikten en zullen dienovereenkomstig worden gestraft. Moslims zijn superieur omdat zij geloven, en zullen worden beschermd en beloond. Is duidelijk racistisch.

Deze soera behandelt wederom de stelling dat Mozes en de joods-christelijke profeten eigenlijk boodschappers van deze Allah waren. Gezien de claim dat deze Allah het laatste boek van goddelijke regels en richtlijnen heeft samengesteld, worden de joden en christenen als zondaars gezien. Zij moeten worden gestraft met de hel, tenzij zij Allah accepteren als de hoogste en enige God. Willen christenen en joden dit niet, dan is dit volgens de sharia een andere rechtvaardiging voor het haten, martelen en doden van ongelovigen.
Dat de Koran geen drijfveer zou zijn voor 1400 jaar islamitisch racisme, geweld en universalisme, is hetzelfde als het ontkennen dat Mein Kampf de vergaarbak van Hitlers kwaadaardige waanzin is.
Mensen moeten dit boek lezen om de gestoorde en psychotische aard van het islamitisch fundamentalisme te begrijpen. Moslims leven als het ware nog steeds in een grot van duisternis. En alleen Allah weet waarom.