Soera 8 de oorlogsbuit

Oh wat een verrassing – de koran vermeldt oorlogen, plunderingen en moord. Dan moet het wel een slechte vertaling zijn.

door Ibn Sufi-al-Kitab

Islamo-apologisten en hun linkse mediavrienden zullen met hun tanden knarsen wanneer zij deze soera lezen. Blijkbaar is de koran voor hen een lange lofzang over vrede, liefde, tolerantie, bezinning, inzicht in geestelijke gezondheid en een geordend stappenplan voor het leven. Maar toch is dat misschien niet zo. Ieder ‘heilig’ boek dat uitvoerig uitlegt hoe de verdeling van geplunderd goud en goederen, verkregen door conflicten tot stand moet komen, is waarschijnlijk niet een van de meest perfecte ideologieën. Zeker wanneer je beseft dat Mohammed de grootste begunstigde is geweest van uit oorlogen gestolen buit. Het wordt helemaal een dubieuze religie wanneer zelfs goden zich verlagen tot medeplichtigheid aan crimineel gedrag door te vertellen hoe mensen gestolen kapitaal moeten verdelen.


1. ”Zij vragen u omtrent de oorlogsbuit. Antwoord: “De oorlogsbuit behoort aan Allah en de boodschapper. Vreest daarom Allah en regel (uw geschillen) onderling inschikkelijk en gehoorzaamt Allah en Zijn boodschapper als gij gelovigen zijt.”


Nou, dat is wel duidelijk. Allah [wat dat ook wezen mag] en Mohammed, beslissen wie wat van de buit krijgt – verkregen door karavaan overvallen, eigendommen van vermoordde joden en christenen en algemene imperialistische oorlogvoering.
Na de gebruikelijke kreten om de niet-moslims aan te vallen en te onderdrukken, komen we bij de crux van deze soera, vers 41;


41. ”En weet, dat uit de gehele opgebrachte buit, een vijfde deel naar Allah gaat – en naar Mohammed, en naar de verwanten, de wezen, de behoeftigen en de reiziger.”


Wat een handige openbaring. Dus Mohammed, de meest oprechte, grote vriend van de mysterieuze en alwetende Allah, ontvangt 20% van al het geplunderde. Wat een grote zwendel. En de armlastige Allah zit ook in het complot en wil zijn deel van de buit wat natuurlijk totaal ongeloofwaardig is.
Ook opmerkelijk is, om handelskaravanen en gemeenschappen aan te vallen tijdens vredestijd of tijdens de ramadan. Dat was in het oude Arabië allemaal verboden, totdat Allah, de denkbeeldige god van Mohammed langs kwam.


69. ”Geniet van de buit die gij ontvangt als wettig en goed en vreest Allah., Allah is vergevensgezind en genadevol.”


Dus nu, dankzij een barmhartige God is strijden op elk moment, om welke reden dan ook, in elk seizoen en ongeacht welke afspraken er zijn gemaakt, prima. Zolang het maar in naam van Allah wordt gedaan. Omdat Allah het goedkeurt kunnen islamitische plunderaars genieten van hun buit.
Het plunderen van alles wat waarde had, en seks met gevangen vrouwen waren belangrijke begeerlijkheden voor de eerste volgelingen van Mohammed.
Het was duidelijk dat Mohammed met zijn familie de overhand hadden. Arabieren en specifiek Mohammeds stam en familie lijken het belangrijkst voor Allah – zoals blijkt uit de openbaring betreffende de verdeling van de buit en evenzo in het volgende vers:


75. “Maar in het boek van Allah hebben bloedverwanten meer rechten naar elkaar.”


Dus dit verheft de stam en de gezinsleden boven andere moslims. En vervolgens;


75. ”En degenen die naderhand zullen geloven en hun huizen verlaten en tezamen met u strijden, zullen tot u behoren.”


Dus wie tot geloof komt is wel inferieur aan het koninklijke bloed van Mohammeds familie en zijn stam.
Het is nogal opvallend dat een God zo sterk geïnteresseerd is in het welzijn van Mohammed en zijn familie. Dit lijkt nogal vreemd voor een objectieve waarnemer. Sinds wanneer heeft een ‘God’ zijn favorieten, door vooral Mohammed en zijn familie te verrijken? Alleen ‘Allah’ weet het.
Maar ter dekking van zijn nogal hebzuchtige 20% aandeel van de buit en het feit dat Hij en zijn familie boven alle andere moslims verheven zijn, valt Mohammed terug om moslims te vertellen vooral de mysterieuze Allah te vrezen. Hij voert immers alleen maar Zijn orders uit, toch? Dit is gedaan om te benadrukken dat Allah verantwoordelijk is voor de verdeling van rijkdommen, verovert door oorlogen en overvallen.


Om ervoor te zorgen dat moslims de heerschappij van Allah begrijpen, maakt Mohammed de claim dat het de goddelijke macht van Allah is die moslims in conflicten laat overwinnen én de vijand vernietigen. Ook de buit is dankzij de macht van Allah zodat Mohammed en zijn familie rijk konden worden;


9. ”Toen gij de hulp van uw Heer afsmeekte en Hij u antwoordde: “Ik zal u met duizend engelen helpen.”


17. ”Het is niet u die hen doodde; het was Allah. Wanneer u wierp (een handvol stof), was het niet uw handeling, maar Allah’s: opdat hij de gelovigen vrede mogen geven. Allah is hij die hoort en weet (alle dingen).”


26. ”En gedenkt, toen gij met weinigen waren en vreesden te worden weggevoerd, hoe Hij u beschermde en sterkte met Zijn hulp en u van goede dingen voorzag, opdat gij dankbaar mocht zijn.”


Allah beschermd niet alleen de moslims met hun verlangen naar macht, maar hij is zeer geïnteresseerd in het verspreiden van islamitische theologie middels aanvallen en veroveringen van complete steden, gemeenschappen en gebieden. In feite is het een plicht. Moslims moeten de boodschapper imiteren door met strijd of jihad de goddelijke macht van de Almachtige Allah te verspreiden:


39. ”En bestrijdt hen totdat er geen tegenstand meer is en de godsdienst geheel voor Allah wordt.”


65. ”O profeet, spoor de gelovigen aan om te vechten omdat de ongelovigen een volk zijn dat niet wil begrijpen/bekeren.”


67. ”Een profeet kan geen gevangenen maken voordat hij geregeld tot een gevecht komt. Gij wenst de goederen van deze wereld terwijl Allah het hiernamaals voor u wenst. En Allah is Almachtig, Alwijs.”


Het is door Allah bevolen om de islam met krijgstochten te verspreiden omdat de ongelovigen bestemd voor de hel, geen volwaardige mensen zijn. Dit is de taal van het fascisme.


55. ”Voorzeker, in de ogen van Allah zijn zij, die (de waarheid) verwerpen erger dan beesten want zij niet willen geloven.”


37. ”Zodat Allah de onzuivere van de zuivere mens moge scheiden en de onzuivere bij elkander moge drijven en hen allen tezamen op een stapel in de hel moge werpen. Dit zijn de verliezers.”


Samenvattend:

Met name linkse academici en journalisten vinden bovenstaande citaten vredig en tolerant.
Deze soera is vrij duidelijk evenals de intenties van Mohammed.
Strijden en plunderen is bevolen door Allah.
Allah heeft besloten dat Mohammed 20% of meer van de buit ontvangt.
Moslims moeten dit accepteren, als ook hun plicht om op een juist moment ongelovigen te doden, waar zij zich ook bevinden.
Ook is het de plicht om met een onwrikbaar geloof het mohammedanisme, op een juist moment, met oorlogen/strijd/jihad en geweld te verspreiden, gesteund door Allah met goddelijke macht, engelen en zegeningen.

Is dit niet volledige absurd? Oorlog, racisme, het opdelen van de buit, bloedbanden die regeren en een niemand kennend goddelijk figuur die het allemaal goedkeurt? Is het niet duidelijk dat soera’s en boeken als deze, geschriften zijn die het ideologische imperialisme omschrijven als een religieus concept?
Waarom wordt dit als heilig beschouwd?

western-civilisation