“Allah, de Kosmische Gids: Schaduwen, de Zon en de Verbeelding van Almacht”
Soera 25:45-46 zegt: “Heb je niet gezien hoe jouw Heer de schaduw heeft verspreid? En als Hij gewild had, had Hij die stil kunnen laten staan. Maar Wij hebben de zon tot haar gids gemaakt.”
Het is een prachtig voorbeeld van religieuze poëzie, maar laten we kritisch zijn: wat zien we hier werkelijk? De schaduw beweegt, verlengt en verkort op een wijze die volledig wordt verklaard door de rotatie van de aarde en de positie van de zon aan de hemel. Niets in dit proces vereist actieve interventie, niets roept een goddelijke hand op.
En toch krijgen we de suggestie dat een almachtige entiteit letterlijk de schaduw “verspreidt” en dat zij op verzoek stilgezet had kunnen worden. Hitchens zou dit met zijn kenmerkende spottende precisie opmerken: het is alsof men een tafeltje beschrijft als een wonder, simpelweg omdat het staat waar je het neerzet. De aarde draait. De zon verplaatst zich aan de hemel. Schaduwen volgen natuurwetten. Het vers verheft een vanzelfsprekend astronomisch fenomeen tot een kosmisch mirakel — een misplaatsing van almacht.
De zin “Wij hebben de zon tot haar gids gemaakt” voegt een extra laag toe van menselijke projectie. Het is bijna aandoenlijk hoe het universum wordt gepersonifieerd, alsof de zon een hond is die netjes aan de lijn wordt gehouden. Elke astronoom, sterrenkundige of simpelweg een kind dat met een stok speelt, zou weten dat de zon geen gids nodig heeft; hij doet wat hij doet omdat hij fysisch moet. Het is precies dit soort overdreven toeschrijving van actie en intentie aan de natuurlijke wereld dat Hitchens zo genadeloos zou ontleden.
Kortom, het vers is poëtisch en moreel didactisch bedoeld, maar wetenschappelijk absurd. Het projecteert een almachtige entiteit op een volstrekt mechanisch en voorspelbaar fenomeen, alsof de kosmos een toneelstuk is dat constant door een god moet worden geregisseerd. Voor de rationele geest is dit geen openbaring; het is een artistieke, maar volstrekt overbodige, interpretatie van een aardrotatie.
- “De aarde roteert, de zon reist haar baan, en de schaduwen volgen. Maar volgens Soera 25:45-46 moet een almachtige elke centimeter verlengen — een kosmische microbeheer die alleen geloof kan verkopen.”
- “Schaduwen bewegen vanzelf, de zon hoeft geen gids, maar hier lezen we dat Allah persoonlijk toezicht houdt op elk uur van licht en donker — alsof de kosmos een toneelstuk is dat zonder hem instort.”
- “Het vers doet alsof een god de schaduw verspreidt, terwijl iedere astronoom weet dat rotatie van de aarde genoeg is. Poëzie mag het noemen, maar wetenschap noemt het gewoon een planeet die doet wat hij moet doen.”

