Een verzonden boek die nooit verzonden is

Soera 25:35 zegt : “- – – Wij zonden Mozes het Boek – – –”


 

“Mozes en de Kosmische Typemachine: Hoe God Zijn Boek Leende”

Soera 25:35 beweert dat Allah Mozes het Boek zond. Wat een sympathieke gedachte: een man op een berg, gebogen over een steen of perkament, ontvankelijk voor goddelijke dictaten. Maar de realiteit, zoals moderne bijbelwetenschap aantoont, is een veel saaier — en veel ironischer — verhaal. De Torah, de zogenaamde verzameling van Mozes’ goddelijke openbaringen, is hoogstwaarschijnlijk een collage van teksten die eeuwen later zijn samengevoegd. Sommige passages beschrijven gebeurtenissen die Mozes onmogelijk zelf had kunnen meemaken. Andere delen ontstonden pas tijdens of na de Babylonische ballingschap, zo’n 800 jaar na zijn vermeende leven.

Het is bijna poëtisch absurd: een religieuze traditie die hardnekkig blijft volhouden dat een man de auteur is van boeken die hemzelf beschrijven na zijn dood. Het is alsof je een biografie leest waarvan de hoofdpersoon onmogelijk aanwezig kon zijn bij zijn eigen interviews. En toch wordt dit letterlijk genomen, met een ernst die elke rationele geest pijn doet.

Hitchens zou hier spottend op wijzen: de claim is niet slechts onnauwkeurig, ze is intellectueel beledigend. Het universum heeft de Torah niet geschreven, de geschiedenis heeft dat gedaan — traag, complex, en vol menselijke fouten. Religie verkiest echter de elegante mythe van een enkelvoudige, almachtige auteur boven de rommelige realiteit van eeuwenlange samenvoeging. Het is een prachtig staaltje menselijke projectie: we willen een god die ons instructies geeft, dus we creëren er een, en we lenen zijn naam om het werk van talloze onbekende scribenten geloofwaardig te maken.

Kortom: Soera 25:35 is poëtisch, didactisch en geruststellend, maar historisch? Volkomen ongeloofwaardig. Het herinnert ons aan Hitchens’ scherpe waarschuwing: geloof mag troost bieden, maar het staat niet boven rationeel bewijs. Mozes heeft het Boek niet ontvangen zoals beweerd — de geschiedenis schreef het, en de goddelijke claim is slechts een glanzende verpakking om de eeuwenlange menselijke samenvoeging te verhullen.